Tegenhetlicht

Terug naar de Oude paden


Een reactie plaatsen

Tót…

 

Er is iets bijzonders met het woordje “tót”..

Totdat Silo komt… Tot op  Johannes/Yochanan…tot op Yeshua…

Dit duidt iets aan dat er iets anders bijkomt of dat er iets stopt óf…?

In Galaten 3: 16 zagen we dat de beloftenissen tot Abraham en zijn zaad is gesproken en dan zien we iets bijzonders, dat het uit dat Ene Zaad komt. Herinnert dat niet aan:  Isa_11:1  Want er zal een Rijsje voortkomen uit den afgehouwen tronk van Isai, en een Scheut uit zijn wortelen zal Vrucht voortbrengen.
Isa_53:2  Want Hij is als een rijsje voor Zijn aangezicht opgeschoten, en als een wortel uit een dorre aarde; Hij had geen gedaante noch heerlijkheid; als wij Hem aanzagen, zo was er geen gestalte, dat wij Hem zouden begeerd hebben.

Eén! Vaders scheppingsplan op de aarde spiegelt zich aan het hemelse.

Mal 2:14  Gij nu zegt: Waarom? Daarom dat de HEERE/YHVH een Getuige geweest is, tussen u en tussen de huisvrouw uwer jeugd, met dewelke gij trouwelooslijk handelt; daar zij toch uw gezellin, en de huisvrouw uws verbonds is. 
Mal 2:15  Heeft Hij niet maar een gemaakt, hoewel Hij des geestes overig had? En waarom maar dien enen? Hij zocht een zaad Gods. Daarom, wacht u met uw geest, en dat niemand trouwelooslijk handele tegen de huisvrouw zijner jeugd. 

De wet was tot op Johannes: Luk_16:16  De wet en de profeten zijn tot op Johannes; van dien tijd af wordt het Koninkrijk Gods verkondigd, en een iegelijk doet geweld op hetzelve. Hiermee worden niet de tien woorden bedoeld, die als Ketuba op de berg Sinaï werden gegeven, maar het offerbestel wat na het gouden kalf ingesteld werd. Dat kunnen we opmaken uit diverse teksten in het geschreven Woord, met name in de Hebreeënbrief Heb 8:1  De hoofdsom nu der dingen, waarvan wij spreken, is, dat wij hebben zodanigen Hogepriester, Die gezeten is aan de rechter hand van den troon der Majesteit in de hemelen: 
Heb 8:2  Een Bedienaar des heiligdoms, en des waren tabernakels, welken de Heere heeft opgericht, en geen mens. 
Heb 8:3  Want een iegelijk hogepriester wordt gesteld, om gaven en slachtofferen te offeren; waarom het noodzakelijk was, dat ook Deze wat had, dat Hij zou offeren. 
Heb 8:4  Want indien Hij op aarde ware, zo zou Hij zelfs geen Priester zijn, dewijl er priesters zijn, die naar de wet gaven offeren; 
Heb 8:5  Welke het voorbeeld en de schaduw der hemelse dingen dienen, gelijk Mozes door Goddelijke aanspraak vermaand was, als hij den tabernakel volmaken zou: Want zie, zegt Hij, dat gij het alles maakt naar de afbeelding, die u op den berg getoond is. 
Heb 8:6  En nu heeft Hij zoveel uitnemender bediening gekregen, als Hij ook eens beteren verbonds Middelaar is, hetwelk in betere beloftenissen bevestigd is. 
Heb 8:7  Want indien dat eerste verbond onberispelijk geweest ware, zo zou voor het tweede geen plaats gezocht zijn geweest. 
Heb 8:8  Want hen berispende, zegt Hij tot hen: Ziet, de dagen komen, spreekt de Heere, en Ik zal over het huis Israels, en over het huis van Juda een nieuw verbond oprichten; 
Heb 8:9  Niet naar het verbond, dat Ik met hun vaderen gemaakt heb, ten dage, als Ik hen bij de hand nam, om hen uit Egypteland te leiden; want zij zijn in dit Mijn verbond niet gebleven, en Ik heb op hen niet geacht, zegt de YHVH. En verder..

Heb 9:7  Maar in den tweeden tabernakel ging alleen de hogepriester, eenmaal des jaars, niet zonder bloed, hetwelk hij offerde voor zichzelven en voor des volks misdaden. 
Heb 9:8  Waarmede de Heilige Geest dit beduidde, dat de weg des heiligdoms nog niet openbaar gemaakt was, zolang de eerste tabernakel nog stand had; 
Heb 9:9  Welke was een afbeelding voor dien tegenwoordigen tijd, in welken gaven en slachtofferen geofferd werden, die dengene, die den dienst pleegde, niet konden heiligen naar het geweten; 
Heb 9:10  Bestaande alleen in spijzen, en dranken, en verscheidene wassingen en rechtvaardigmakingen des vleses, tot op den tijd der verbetering opgelegd. 
Heb 9:11  Maar Christus, de Hogepriester der toekomende goederen, gekomen zijnde, is door den meerderen en volmaakten tabernakel, niet met handen gemaakt, dat is, niet van dit maaksel, 
Heb 9:12  Noch door het bloed der bokken en kalveren, maar door Zijn eigen bloed, eenmaal ingegaan in het heiligdom, een eeuwige verlossing teweeggebracht hebbende. 
Heb 9:13  Want indien het bloed der stieren en bokken, en de as der jonge koe, besprengende de onreinen, hen heiligt tot de reinigheid des vleses; 
Heb 9:14  Hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door den eeuwigen Geest Zichzelven Gode onstraffelijk opgeofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken, om den levenden God te dienen? 
Heb 9:15  En daarom is Hij de Middelaar des nieuwen testaments, opdat, de dood daartussen gekomen zijnde, tot verzoening der overtredingen, die onder het eerste testament waren, degenen, die geroepen zijn, de beloftenis der eeuwige erve ontvangen zouden. 
Heb 9:16  Want waar een testament is, daar is het noodzaak, dat de dood des testamentmakers tussen kome; 
Heb 9:17  Want een testament is vast in de doden, dewijl het nog geen kracht heeft, wanneer de testamentmaker leeft. 
Heb 9:18  Waarom ook het eerste niet zonder bloed is ingewijd. 
Heb 9:19  Want als al de geboden, naar de wet van Mozes, tot al het volk uitgesproken waren, nam hij het bloed der kalveren en bokken, met water, en purperen wol, en hysop, besprengde beide het boek zelf, en al het volk, 
Heb 9:20  Zeggende: Dit is het bloed des testaments, hetwelk God aan ulieden heeft geboden. 
Heb 9:21  En hij besprengde desgelijks ook den tabernakel, en al de vaten van den dienst met het bloed. 
Heb 9:22  En alle dingen worden bijna door bloed gereinigd naar de wet, en zonder bloedstorting geschiedt geen vergeving. 
Heb 9:23  Zo was het dan noodzaak, dat wel de voorbeeldingen der dingen, die in de hemelen zijn, door deze dingen gereinigd werden, maar de hemelse dingen zelve door betere offeranden dan deze. 
Heb 9:24  Want Christus is niet ingegaan in het heiligdom, dat met handen gemaakt is, hetwelk is een tegenbeeld van het ware, maar in den hemel zelven, om nu te verschijnen voor het aangezicht van God voor ons; 
Heb 9:25  Noch ook, opdat Hij Zichzelven dikwijls zou opofferen, gelijk de hogepriester alle jaar in het heiligdom ingaat met vreemd bloed; 
Heb 9:26  (Anders had Hij dikwijls moeten lijden van de grondlegging der wereld af) maar nu is Hij eenmaal in de voleinding der eeuwen geopenbaard, om de zonde te niet te doen, door Zijnszelfs offerande. 
Heb 9:27  En gelijk het den mensen gezet is, eenmaal te sterven, en daarna het oordeel; 
Heb 9:28  Alzo ook Christus, eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen, zal ten anderen male zonder zonde gezien worden van degenen, die Hem verwachten tot zaligheid. 

Tot op Johannes. Dat begrip wordt in de Galatenbrief hoofdstuk 4 goed uitgelegd. Wij waren tot op Johannes een kind, omdat de wet nog niet volmaakt was. Yeshua moest eerst komen om die om te zetten, naar een andere functie.

Gal 4:1  Doch ik zeg, zo langen tijd als de erfgenaam een kind is, zo verschilt hij niets van een dienstknecht, hoewel hij een heer is van alles; 
Gal 4:2  Maar hij is onder voogden en verzorgers, tot den tijd van den vader te voren gesteld. 
Gal 4:3  Alzo wij ook, toen wij kinderen waren, zo waren wij dienstbaar gemaakt onder de eerste beginselen der wereld. 

Gal 4:4  Maar wanneer de volheid des tijds gekomen is, heeft Elohim Zijn Zoon uitgezonden, geworden uit een vrouw, geworden onder de wet; 

Gal 4:5  Opdat Hij degenen, die onder de wet waren, verlossen zou, en opdat wij de aanneming tot kinderen verkrijgen zouden. 

Zoonschap in plaats van dienstknecht

Gal 4:6  En overmits gij kinderen zijt, zo heeft God den Geest Zijns Zoons uitgezonden in uw harten, Die roept: Abba, Vader
Gal 4:7  Zo dan, gij zijt niet meer een dienstknecht, maar een zoon; en indien gij een zoon zijt, zo zijt gij ook een erfgenaam van God door Christus. 
Gal 4:8  Maar toen, als gij God niet kendet, diendet gij degenen, die van nature geen goden zijn; 
Gal 4:9  En nu, als gij God kent, ja, veelmeer van God gekend zijt, hoe keert gij u wederom tot de zwakke en arme beginselen, welke gij wederom van voren aan wilt dienen? (Galaten 3:1)
Gal 4:10  Gij onderhoudt dagen, en maanden, en tijden, en jaren. 
Gal 4:11  Ik vrees voor u, dat ik niet enigszins tevergeefs aan u gearbeid heb. 
Gal 4:12  Weest gij als ik, want ook ik ben als gij; broeders, ik bid u; gij hebt mij geen ongelijk gedaan. 
Gal 4:13  En gij weet, dat ik u door zwakheid des vleses het Evangelie de eerste maal verkondigd heb; 
Gal 4:14  En mijn verzoeking, die in mijn vlees geschiedde, hebt gij niet veracht noch verfoeid; maar gij naamt mij aan als een engel Gods, ja, als Yeshua haMasshiach. 
Gal 4:15  Welke was dan uw gelukachting? Want ik geef u getuigenis, dat gij, zo het mogelijk ware, uw ogen zoudt uitgegraven, en mij gegeven hebben. 
Gal 4:16  Ben ik dan uw vijand geworden, u de waarheid zeggende? 
Gal 4:17  Zij ijveren niet recht over u; maar zij willen ons uitsluiten, opdat gij over hen zoudt ijveren. 
Gal 4:18  Doch in het goede te allen tijd te ijveren is goed, en niet alleenlijk, als ik bij u tegenwoordig ben; 
Gal 4:19  Mijn kinderkens, die ik wederom arbeide te baren, totdat Christus een gestalte in u krijge. 
Gal 4:20  Doch ik wilde, dat ik nu tegenwoordig bij u ware, en mijn stem mocht veranderen; want ik ben in twijfel over u. 
Gal 4:21  Zegt mij, gij, die onder de wet wilt zijn, hoort gij de wet niet? 

Gal 4:22  Want er is geschreven, dat Abraham twee zonen had, een uit de dienstmaagd, en een uit de vrije. 
Gal 4:23  Maar gene, die uit de dienstmaagd was, is naar het vlees geboren geweest; doch deze, die uit de vrije was, door de beloftenis; 
Gal 4:24  Hetwelk dingen zijn, die andere beduiding hebben; want deze zijn de twee verbonden; het ene van den berg Sina, tot dienstbaarheid barende, hetwelk is Agar; 
Gal 4:25  Want dit, namelijk Agar, is Sina, een berg in Arabie, en komt overeen met Jeruzalem, dat nu is, en dienstbaar is met haar kinderen. 
Gal 4:26  Maar Jeruzalem, dat boven is, dat is vrij, hetwelk is ons aller moeder. 

Gal 4:27  Want er is geschreven: Wees vrolijk, gij onvruchtbare, die niet baart, breek uit en roep, gij, die geen barensnood hebt, want de kinderen der eenzame zijn veel meer, dan dergene, die den man heeft. (Jes 54; Ps 68: 7) 
Gal 4:28  Maar wij, broeders, zijn kinderen der belofte, als Izak was. 

Gal 4:29  Doch gelijkerwijs toen, die naar het vlees geboren was, vervolgde dengene, die naar den Geest geboren was, alzo ook nu. (Strijd tussen religie en relatie)

Gal 4:30  Maar wat zegt de Schrift? Werp de dienstmaagd uit en haar zoon; want de zoon der dienstmaagd zal geenszins erven met den zoon der vrije. 

Gal 4:31  Zo dan, broeders, wij zijn niet kinderen der dienstmaagd, maar der vrije. 

Ik maak uit deze teksten uit het geschreven Woord op dat we niet eerstens bij mensen te rade moeten gaan, maar doen wat Yeshua ons aanraadde, namelijk in onze binnekamer gaan en het van de Leermeester verwachten Die het ons krachtens de belofte zal gaan openbaren: Joh_14:16  En Ik zal den Vader bidden, en Hij zal u een anderen Trooster geven, opdat Hij bij u blijve in der eeuwigheid;
Joh_14:26  Maar de Trooster, de Heilige Geest, Welken de Vader zenden zal in Mijn Naam, Die zal u alles leren, en zal u indachtig maken alles, wat Ik u gezegd heb.
Joh_15:26  Maar wanneer de Trooster zal gekomen zijn, Dien Ik u zenden zal van den Vader, namelijk de Geest der waarheid, Die van den Vader uitgaat, Die zal van Mij getuigen.
Joh_16:7  Doch Ik zeg u de waarheid: Het is u nut, dat Ik wegga; want indien Ik niet wegga, zo zal de Trooster tot u niet komen; maar indien Ik heenga, zo zal Ik Hem tot u zenden.

Een van de mensen die hier ook over spreekt is Eddie Chumney:

 

 

Beproef mijn woorden!

Shalom, Hadassah


Een reactie plaatsen

Woman of Valor

Between  two verses in Scriptures lays a period of  a deep valley of affliction.

Gen 1:28  And Elohim blessed them, and Elohim said unto them, Be fruitful, and multiply, and replenish the earth, and subdue it: and have dominion over the fish of the sea, and over the fowl of the air, and over every living thing that moveth upon the earth. 

Ga 3:28 There cannot be Jew nor Greek, there is no slave nor freeman, there is no male and female; for you are all one in Yeshua HaMasiach.

The first verse is mentioned in Gan Eden where YHVH told both, Adam and Chava to have the authority. We know history, what Adam neglected… what Chava did…

The valley of affliction took that long as long as people especially they who werent serious about Fathers commandments..

Then Yeshua’s time appeared…

Yeshua came to nailed the law of sin and dead to the tree, so that the way was open the Bride could begin to prepare herself by the power of YHVH…
Also in this particular subject..
I found an article about Lydia after Yeshua’s resurection.
Is it a sign and encouragement to throw stones away to prepare the way?

How long after Yeshua resurection Lydia was put in her call?

Was it two thousand year?

How long took it for christianity to give women that space Yeshua has given to work out thier call?

How long took it for torahkeeping messianics to give women the permission to work out their call like Shaul did as a mirror to YHVHs example in Gan Eden?

Are we aware that this part is really important for complete restoration as the one Bride?

Are we aware that because of flesly domanion of men over women created the wave of feminism. Both are not Scriptural and we have seen the result. Abba  YHVH’s plan for both is out of Him only not from natural emotions. A helpful advise is to find in Scripture out of Hebraic view.

Do you know in which groups and congregations women are allowed to grow in their talents and mision?

Closer… In which families husbands allow their wife to grow in her calling and talent, even when she is a Deborah and he the helper to protect her in that mission?

I may ask this… I have a blessed husband who is known by this knowledge and I am allowed to work my calling out.

https://www.women-of-valor.com/the-congregation-of-philippi/


Een reactie plaatsen

Impasse

Tussen delen van het goede nieuws en aansporen om er iets mee te gaan doen of wellicht wachten voor de juiste woorden voordat er een werkelijk zwijgen komt, is er  weleens een onderbreking met een ongemakkelijke impasse.

Niet voor of achteruit kunnen en ook niet weten welke richting de juiste is…..

Pi haChiroth..

Ik herinnerde me dat ik er al eens eerder een keer bij stilgezet was. Tussen de impasse en het teken om verder te gaan, lagen twee telefoongesprekken. Een van iemand die serieus bepaald wordt dat het menens is met de eenwording betreffende Juda en Efraim, zo letterlijk verwoord in hoofdstuk 37 van het boek Ezechiël. En het andere gesprek was er een van bemoediging omdat de Vader “overal” Zijn mensen gezet heeft, alhoewel de persoon zelf, naar mijn beleving, een vrij moeilijke pionierstaak heeft. en toch ook de toepassende toerusting krijgt.

Ik vond de notitie over Pi haChiroth vandaag in mn bestand. Het was geschreven in het jaar 2013,

Pi hachiroth (4)

Exodus 14:2 Spreek tot de kinderen Israels, dat zij wederkeren, en zich legeren voor Pi-hachiroth, tussen Migdol en tussen de zee, voor Baal-zefon; daar tegenover zult gij u legeren aan de zee. 

Pi Hachiroth Impasse

 


1 reactie

Dat rode dáár….

Onlangs publiceerde ik het schrijven van Ephraim en Rimona over de Egyptische afgoderij…

Een van de zaken, die vandaag de dag  de aandacht heeft, is de sterke drang om bij andere broers uit het twaalftal de nodige knowhow te verzamelen al dan niet omdat verreweg de overgrote meerderheid dat ook doet.

Twaalftal

Jacob, ook wel genoemd met de naam Israel, kreeg twaalf zonen, die ook ieder een zegen meekreeg en een roeping. Uit hen kwam een volk voort, ook wel genoemd met de naam kinderen Israels. Dezen werden met veel vreemd volk onder aan de berg Sinai in Arabië samen tot één Bruid die de ketuba voorgeschoteld kreeg om zich voor te bereiden.

Kreeg een van de broers deze ketuba van de anderen of andersom?

Nee, de ketuba was afkomstig van de toekomstige Bruidegom.

Vanwege rebellie werd het koninkrijk later gesplitst in twee, het noordelijk en het zuidelijke, ook wel genoemd met de naam Yudah en Efraïm/Israel. Dat betekent niet dat het slechts twee broers waren. Neen, beiden waren de grootsten onder de anderen, dus het noordelijk koninkrijk waren er tien onder de naam van de grootste in aantal, aangeduid met de naam Efraïm en de zuidelijke met twee plus een stukje Levi en hun grootste  in aantal aangeduid met de naam Yudah.

We kunnen lezen hoe de loop van beide koninkrijken ging en gaat en zal gaan tot op nu en straks.

Yeshua kwam voor de verloren schapen van het huis Israels wat veelal wordt uitgelegd als zijnde dat het lo Ammi wat duidt op Efraïm/noordelijk koninkrijk door Hem haar roeping terug zou krijgen om als volwaardige en gelijk zijnde aan dat zuidelijke koninkrijk te mogen naderen tot elkaar op voorwaarde van YHVH.

Enkel vragen:

Wie is de eerstgeborene en wat is daarvan de roeping?

Aan wie is het geopenbaard de eerstgeborene te zijn en door wie/Wie is het geopenbaard?

Kan een eerstgeborene zijn/haar roeping leren van een van de anderen die dat niet zijn?

Wie heeft het koninklijke deel en wie het priesterlijke deel?

Hoe moeten wij Romeinen 9 t/m 1 zien?

Zolang de kinderen Israels op de kaart staan is er altijd al een strijd geweest om de Schepper niet de hoogste prioriteit te geven die Hij waardig is.

Vele beredeneringen en leringen werken al dan niet goedbedoeld in tegen wat het geschreven Woord in de context bedoelt.

De Geest van YHVH zweefde over de wateren vóordat de aarde, de dieren en de mens geschapen werd.

De Ruach was er bij de berg Sinai in Arabië, de Ruach overschaduwde Miryam, de Ruach kwam nadat Yeshua ten hemel voer.

Yeshua heeft de mensen ten tijde van Zijn leven op aarde letterlijk gezegd dat na Hem Ruach haKodesh zou komen om hen, die in Hem geloven en Hem belijden, te onderwijzen alles wat Yeshua gezegd heeft en in voorgegaan was. Yeshua deed niets anders dan wat YHVH deed voordat Yeshua kwam, Die een manifestatie van YHVH is.

Zou dan dat Lo Ammi in de tenten van Sem moeten gaan leren? Sem die tot nu toe niet of nauwelijks kennis heeft van de openbaring die Yeshua aan Lo Ammi gaf en waarvan de profeten woordelijk optekenden in het geschreven Woord?

Het vraagt kennis, wijsheid en inzicht om Vaders wegen te zoeken en die te houden.

Want het is zo makkelijk om ‘dat rode daar’ te nemen voor de kortste weg zonder mogelijk gezichtsverlies…we hebben de gevolgen gezien en die laten zich onder die omstandigheden ook makkelijk herhalen.

Dan lijkt het in het begin op de rechte weg, maar wanneer YHVH zegt dat er twee naties zijn die door Hem alleen tot elkaar zullen naderen om één in Zijn hand te worden, is er maar één richting mogelijk.

Of bij de andere broer/natie  in de leer en hem toevallen, in dit geval Yudah

of

bij YHVH in de leer en Zijn geschreven Woord laten onderwijzen door Zijn Ruach hakodesh Die in ons woont en die ene unieke natie worden, onderscheiden van die andere unieke natie.

Het zal in deze tijd meer en meer duidelijk worden, welke de verschillen zijn en hoe deze beider uitwerking zijn.

Ik wordt herinnerd aan een schrijven van Batya Wootten, die het naar de Vader uitriep en om haar identiteit vroeg. Zijn antwoord was expliciet dat zij zich niet tot leringen en doctrines moest wenden, maar haar identiteit zou gaan ontdekken in het geschreven Woord van YHVH, geleid door Ruach haKodesh.

Die uitleg destijds landde bij ons en van daaruit heeft Abba YHVH ons geleerd het allereerst bij Hem te zoeken. Zo leerden wij wie wij waren… Een unieke natie, ook wel genoemd met de naam Efraïm, Israel en Yosef, maar wél de ingeboren nazaten of toegevallen voormalige vreemdelingen van dat noordelijke koninkrijk, wat niet geheel en al en zomaar Yudah zou toevallen, omdat die noordelijke tak de priesterlijke taak heeft en dat kan alleen maar bij de Vader geleerd worden op Zijn voorwaarden.

Alleen op die manier kunnen wij onze verbondenheid met Yudah gestalte gaan geven op een wijze die YHVH werkelijk welgevallig is.

Onderzoek mijn woorden  en behoudt het goede.

Alle eer aan Hij is is, was en komen zal!

Bron: Het geschreven Woord

 

 


1 reactie

Verborgenheid

Eph 5:31 Daarom zal een mens zijn vader en moeder verlaten, en zal zijn vrouw aanhangen; en zij twee zullen tot een vlees wezen.
Eph 5:32 Deze verborgenheid is groot; doch ik zeg dit, ziende op Yeshua en op de Gemeente.
In deze verzen staan verborgen zaken, welke diep gaan. In deze verzen staat het hele plan van de mensheid opgetekend. Refererend aan hierboven, is de man pas Adam als hij zijn vrouw aanhangt, wat zoveel meer betekent dan echtelijke samenleving, hiermee de bescherming van zijn ouders verlaat, om zijn vrouw de bescherming te bieden. Dit één vlees worden is weer die ene Adam zijn. Dat kan alleen maar met die ene Chava, om die ene Adam te zijn.
Yeshua kwam (“verliet”) om Zijn Bruid de volledige ene Chava te maken. Zijn doel was om de gebroken, van elkaar gescheiden delen (Juda/Efraim) van die ene Bruid, door Zijn belangeloze daad, te helen en sinds Zijn opstanding is dat proces in verschillende seizoenen gestart. Eens was Chava onderaan de berg, straks zal zij opnieuw gereed zijn om haar Man te omvangen.
Hij verkoos haar boven alle vrouwen.
Het unieke van die ene Adam wordt iedere keer opnieuw weerspiegeld in een huwelijk van één man en één vrouw, ongeacht of iemand Hem kent en gehoorzaamt of niet.Het is immers in de eerste plaats Zijn ontwerp, niet de onze. De voltooiing ligt in het feit dat YHVH zowel het begin als het einde al in de scheppingsweek ontvouwde om dat in de tijdsspanne van de zevenduizend jaar te verwerkelijken, waarvan het bruiloftsfeest die tijd afsluit voor een nieuw begin.
Let op Shemini Atzeret!