Tegenhetlicht

Terug naar de Oude paden


Een reactie plaatsen

Door die Ene, één worden

In gedachten zie ik een man, verbonden met zijn familie en vrienden én cultuur… Hij leefde stamsgewijs. dat blijkt uit de volgende woorden: Gen 11:31  En Terah nam Abram, zijn zoon, en Lot, Harans zoon, zijns zoons zoon, en Sarai, zijn schoondochter, de huisvrouw van zijn zoon Abram, en zij togen met hen uit Ur der Chaldeen, om te gaan naar het land Kanaan; en zij kwamen tot Haran, en woonden aldaar.

Zijn hart is blijkbaar voorbereid als hij op een dag een Stem verneemt.

Gen 12:1 YHVH nu had tot Abram gezegd: Ga gij uit uw land, en uit uw maagschap, en uit uws vaders huis, naar het land, dat Ik u wijzen zal. 
En Ik zal u tot een groot volk maken, en u zegenen, en uw naam groot maken; en wees een zegen! 
En Ik zal zegenen, die u zegenen, en vervloeken, die u vloekt; en in u zullen alle geslachten des aardrijks gezegend worden. 
En Abram toog heen, gelijk YHVH/de HEERE tot hem gesproken had; en Lot toog met hem; en Abram was vijf en zeventig jaren oud, toen hij uit Haran ging. 
En Abram nam Sarai, zijn huisvrouw, en Lot, zijns broeders zoon, en al hun have, die zij verworven hadden, en de zielen, die zij verkregen hadden in Haran; en zij togen uit, om te gaan naar het land Kanaan, en zij kwamen in het land Kanaan. 

Door Abraham die een Hebreeër genoemd wordt, weten we dat alhoewel zijn vader een bedorven Syrier genoemd wordt, door de belofte aan Abraham, zijn zoon een vader van vele volkeren zou worden en zoals ik het versta, zijn wij die gered zijn door Yeshua, die wij ook wel anders noem(d)en, allen ingesloten in die belofte waarvan Galaten 3 getuigt. Deu 26:5  Dan zult gij voor het aangezicht des HEEREN -YHVH, uws Gods, betuigen en zeggen: Mijn vader was een bedorven Syrier, en hij toog af naar Egypte, en verkeerde aldaar als vreemdeling met weinig volks; maar hij werd aldaar tot een groot, machtig en menigvuldig volk. 

Gal 3:16  Nu zo zijn de beloftenissen tot Abraham en zijn zaad gesproken. Hij zegt niet: En den zaden, als van velen; maar als van een: En uw zade ( De Ene); hetwelk is Yeshua. 

Lees aandachtig de verzen door tot vers 26
Gal 3:26  Want gij zijt allen kinderen Gods door het geloof in Christus Jezus/Yeshua haMashiach. 
Gal 3:27  Want zovelen als gij in Yeshua gedoopt zijt, hebt gij Yeshua aangedaan. 

Gal 3:28  Daarin is noch Jood noch Griek; daarin is noch dienstbare noch vrije; daarin is geen man en vrouw; want gij allen zijt een in Yeshua haMashiach. 
Gal 3:29  En indien gij van Yeshua zijt, zo zijt gij dan Abrahams zaad, en naar de beloftenis erfgenamen

Bovenstaande verzen worden met andere woorden in Efeze herhaalt en als ik even verder denk zie ik allerlei woorden uit het geschreven Woord elkaar aanraken omdat zij hetzelfde in andere woorden herhalen.

Een beeld komt in mn gedachten. Een kleurig palet van dominosteentjes die op een sein in gang gezet worden om met elkaar eensduidend het spel te maken. Dat landt bij mij als zijnde dat ene geschreven Levende Woord, wat ons het ongelooflijk liefdevolle plan van de Vader voor het ultieme bruiloftsfeeest, wat straks komen gaat!

Eph 2:11  Daarom gedenkt, dat gij, die eertijds heidenen waart in het vlees, en die voorhuid genaamd werdt van degenen, die genaamd zijn besnijdenis in het vlees, die met handen geschiedt; 
Eph 2:12  Dat gij in dien tijd waart zonder Yeshua, vervreemd van het burgerschap Israels, en vreemdelingen van de verbonden der belofte, geen hoop hebbende, en zonder God in de wereld. 
Eph 2:13  Maar nu in Yeshua, zijt gij, die eertijds verre waart, nabij geworden door het bloed van Yeshua
Eph 2:14  Want Hij is onze vrede, Die deze beiden een gemaakt heeft, en den middelmuur des afscheidsels gebroken hebbende, 
Eph 2:15  Heeft Hij de vijandschap in Zijn vlees te niet gemaakt, namelijk de wet der geboden in inzettingen (Zie het boek Hebreeén) bestaande; opdat Hij die twee in Zichzelven tot een nieuwen mens zou scheppen, vrede makende; 
Eph 2:16  En opdat Hij die beiden met God in een lichaam zou verzoenen door het kruis, de vijandschap aan hetzelve gedood hebbende. 
Eph 2:17  En komende, heeft Hij door het Evangelie vrede verkondigd u, die verre waart, en dien, die nabij waren. 
Eph 2:18  Want door Hem hebben wij beiden den toegang door een Geest tot den Vader. 
Eph 2:19  Zo zijt gij dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers der heiligen, en huisgenoten Gods; 
Eph 2:20  Gebouwd op het fondament der apostelen en profeten, waarvan Jezus Christus is de uiterste Hoeksteen; (Psalm 118)
Eph 2:21  Op Welken het gehele gebouw, bekwamelijk samengevoegd zijnde, opwast tot een heiligen tempel in den Heere; 
Eph 2:22  Op Welken ook gij mede gebouwd wordt tot een woonstede Gods in den Geest. 

Door die Ene, één worden.

Die Ene brengt alle onderscheid onder Zijn beslag. Volk, stam, bloedlijn, man, vrouw, jood, griek, weggezondene, die verre waart en die nabij zijn. Onder Zijn banier en Zijn voorwaarden mogen gezuiverde onderlinge verschillen opbloeien. En allen zullen verwijzen naar die Ene, Die dit alles mogelijk maakte!

Op. 21:3  En ik hoorde een grote stem uit den hemel, zeggende: Ziet, de tabernakel Gods/Elohim is bij de mensen, en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en God/Elohim Zelf zal bij hen en hun Elohim zijn. 

Eén volk,gekozen boven alle volken Ex 19:5; verscheurd in twee 1Kon 11:31,35 : weggezonden Deut 4:28;   , scheidsbrief Jes 50:1; in kort bestek Ezech 37;

Woorden ter overdenking: Genesis 2:24; 3:15; Maleachi 2:14,15; Ef 5:32; Op 21:2, 9

Rom_11:36  Want uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.

Onderstaande linken heeft prachtige woorden:

https://www.youtube.com/watch?v=BwadkrFFR0I

https://www.youtube.com/watch?v=zS6VxuyN448

https://www.youtube.com/watch?v=E_3Mcrlxhs8

 

 

 


1 reactie

Vraagt naar de oude paden – Jer 6:16

 

In mijn tienertijd schreef ik een gedichtje naar aanleiding van een gedachte:

“Krijgen wij geen Licht, wij zullen immer dwalen…”

Met het Licht doelde ik toen op het geschreven Woord en Zijn Geest. Veel later zou ik deze website opzetten en opnieuw nam ik het geschreven Woord als uitgangspunt, vragende om de indachtigmaking van Zijn geest van Heiligheid – Joh 14:26

Recentelijk realiseerde ik mij dat ik, alhoewel ik regelmatig naar mn aardse vader verwijs, van m’n hemelse Vader, de inspiratie gekregen heb om zaken tegen Zijn Licht te houden met dien verstande dat het beproefd mag worden. Zo schoot mij daarstraks Hebr 4:12 te binnen:

Heb 4:12  Want het Woord Gods is levend en krachtig, en scherpsnijdender dan enig tweesnijdend zwaard, en gaat door tot de verdeling der ziel, en des geestes, en der samenvoegselen, en des mergs, en is een oordeler der gedachten en der overleggingen des harten. 

Gen 3:15  En Ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen deze vrouw, en tussen uw zaad en tussen haar zaad;

Al heel vroeg in mn wandel in het sabbatse van Yeshua werd ik gewaar dat ik moest blijven beproeven aan de hand van Zijn geschreven Woord en vragen om Zijn ontdekkend Licht.

Zo wendde Hij mijn schreden om in plaats van de messiaans joodse kant de messiaanse Israel kant op te wandelen. Een zus stuurde ons oa het boek “Wie is Israel” van Batya Wootten en wat zij schreef aan de hand van haar bevinding met de Vader landde in mijn hart.

Ik kon me gewoon bij Zijn geschreven Woord houden en Zijn raad om te gaan begrijpen wat Hij in dat Levende, met de nadruk op Levende Woord, te zeggen had en heeft.

Door zo te gaan werd het mij tot gewoonte om alles wat ik vernam of te lezen krijg tegen het Licht van het geschreven Woord te houden en daarbij werd mij duidelijk dat Vader er iets bij gaf wat zeer noodzakelijk en nuttig bleek en blijkt. De geest van onderscheidingsvermogen vanuit Hem.

Vandaag de dag is er veel te doen over naderen en nadering. Maar is dat ook wat Vader op het oog heeft?

In 1991 of 1993 kreeg ik een droom over de liefde tot Juda. Daarin kreeg ik ook een uitleg mee. De liefde krijgen we van de Vader, maar deze liefde moet beproefd worden anders gaan we er met onze emotie mee aan de haal. En voor we het weten zijn we, dan, als we het vanuit emotie of eigenbelang doen, terug bij af.

Er zijn er die de eerste stap hebben overgeslagen en oprecht denken dat wat zij doen en beogen vanuit Vaders hart komt.

We zien wrange vruchten komen. In de behoefte om gezien te worden of om in emotie compromissen te sluiten die geen godsvrucht dragen, zakken mensen af zonder het te beseffen.

Er zijn velen in beide gelederen die zó’n honger hebben naar het échte en pure, maar niet opgemerkt worden in het gedrang van hen die gekend willen worden zonder op Vaders tijd te wachten.

Het feit dat betovering direct condities geeft, maakte het er niet makkelijker op. Een zware bewogen tijd brak voor wachters aan die dit fenomeen wel zien, maar niet altijd kunnen verwoorden om het aan mensen duidelijk te maken die deze onderscheidingsvermogen niet of nauwelijks geoefend hebben, of wel hebben, maar eveneens de woorden van uitleg ontbreekt. Alhoewel een schreeuw al voldoende zou moeten zijn. Denk aan het eenvoudige voorbeeld als een kind gevaarlijk dicht bij een hete kachel komt en moeder er te ver van afstaat. Dan is een waarschuwend geluid voor n kind al voldoende dat het gevaarlijk is.

Maar wat gebed al niet vermág!

Onlangs kreeg ik info en bedacht dat ik daar wat meer mee wilde. Een boek geschreven door een vrouw die diep in de met name judaistische mystiek heeft gezeten en aan de hand van het Woord haar relaas doet.

Ik heb haar boek besteld om haar info te onderzoeken. Vandaag kon ik overigens al luisteren naar een Engelse  opname, waarin men hoofdstuk voor hoofdstuk de gevaren van de mystiek blootlegt en daarbij van gedachten wisselt. Het schokt dat bekende namen en bekende termen in een vervangende mystieke vorm ons van Yeshua afhalen naar een rijk waar geen verlossing is.

Dáarom kwam Yeshua, om ons te verlossen van alle schadelijkheden en Zijn Verlossing was en is er niet een van tijdelijke aard.

Recentelijk is er een lezing gehouden, waarin met bewogenheid uitgelegd werd aan de hand geschreven informatie binnen en buiten het boek der boeken, dat de engel des lichts nog immer actief is. Beproef dat! Bewogen omdat de Vader niet één bepaalde groep mensen voor ogen had, waarvoor Yeshua kwam.

                                                                                                                                                          Psa_126:6  Die het zaad draagt, dat men zaaien zal, gaat al gaande en wenende; maar voorzeker zal hij met gejuich wederkomen, dragende zijn schoven.

Gal 5:1  Staat dan in de vrijheid, met welke ons Yeshua haMassiach vrijgemaakt heeft, en wordt niet wederom met het juk der dienstbaarheid bevangen. 

Joh 14:26  Maar de Trooster, de Heilige Geest, Welken de Vader zenden zal in Mijn Naam, Die zal u alles leren, en zal u indachtig maken alles, wat Ik u gezegd heb. 
Joh 14:27  Vrede laat Ik u, Mijn vrede geef Ik u; niet gelijkerwijs de wereld hem geeft, geef Ik hem u. Uw hart worde niet ontroerd en zij niet versaagd. 

 

 

 

 


Een reactie plaatsen

Hoogtepunt van de schepping

Prachtige uitleg over een onderwerp wat mij na aan het hart ligt!

Naar aanleiding van de laatste parasha, uitgelegd door Ephraim en Rimona:

Wat betreft het hoogtepunt van de schepping, man en vrouw, ze werden geschapen “naar het beeld en de gelijkenis” van hun Schepper (1:26). “Afbeelding” is “tzelem” – van de root “tzel” die een “schaduw” is. In het beste geval kan een mens de Almachtige op dezelfde manier reflecteren als een tweedimensionale schaduw een driedimensionaal object ‘vertegenwoordigt’ (als een schaduw). “Gelijkenis” is “d’moot”, dat het woord “dam” – “bloed” bevat (waarvan afgeleide woorden zoals “adama” voor “aarde”, “adom” voor “rood” en “adam” – ” Mens”). Hier zien we een duidelijke verbinding met de Messias, die incarneerde in een lichaam van vlees en bloed als de “laatste Adam”. Man en vrouw werden verschillend en op verschillende tijden geschapen, maar “naar het beeld (tzelem) van Elohim schiep Hij hem, mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen” (v. 27). Opnieuw zien we samen differentiatie en eenheid. Hij – man – werd zowel mannelijk als vrouwelijk geschapen, en evenzo weerspiegelen het mannelijke en het vrouwelijke samen de “tzelem” van de ene Elohim. In 2:24 lezen we dat ze ‘één vlees’ moesten worden, en toch kon dat alleen plaatsvinden nadat de vrouw uit het eigen lichaam van de man was gehaald (gescheiden) (ref. 2:21). De formatie van de vrouw was totaal anders dan die van de man. Ze werd niet alleen gevormd uit de rib (deel) die uit Adams zijde was genomen, maar die handeling van vorming wordt ‘bouwen’ – va’yiven – letterlijk ‘genoemd’ en hij [Elohim] bouwde de rib die hij van de man nam, tot een vrouw … ‘(2:22).

Nog een punt met betrekking tot deze unie: in 2: 18, 20 wordt de vrouw, de “hulp geschikt” (zoals vertaald in de meeste versies) voor de man, letterlijk beschreven als een hulp “tegengesteld of tegengesteld” aan hem – “ezer ke’negdo “(” Neged “zijnde” voor “of” tegengesteld aan “). Oorspronkelijk moest Chava * (Eva) de tegenhanger van Adam zijn, compatibel met hem. De twee moesten elkaar aanvullen zoals twee tegengestelde krachten dat doen, tegelijkertijd aantrekken en polariseren….. “

https://weeklyparashahebrewinsights.blogspot.com/2019/10/hebrew-insights-into-parashat-bresheet.html


Een reactie plaatsen

Melchizedek,erfenis en roeping

We lezen in Hebreeën 7 een terugblik en een omschrijving.

Terugblik dat Melchizedek Abraham een bezoek bracht en een omschrijving.

Heb 7:1  Want deze Melchizedek was koning van Salem, een priester des Allerhoogsten Gods, die Abraham tegemoet ging, als hij wederkeerde van het slaan der koningen, en hem zegende; 
Heb 7:2  Aan welken ook Abraham van alles de tienden deelde; die vooreerst overgezet wordt, koning der gerechtigheid, en daarna ook was een koning van Salem, hetwelk is een koning des vredes; 

Koning der gerechtigheid

Is enig mens een koning der gerechtigheid geweest? Wat zegt het geschreven Woord ons daarover?

Luk 18:19  En Yeshua zeide tot hem: Wat noemt gij Mij goed? Niemand is goed, dan Een, namelijk God. 

Pre_7:20  Voorwaar, er is geen mens rechtvaardig op aarde, die goed doet, en niet zondigt.

Rom_3:12  Allen zijn zij afgeweken, te zamen zijn zij onnut geworden; er is niemand, die goed doet, er is ook niet tot een toe.

Koning des Vredes

Isa_9:5  Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij is op Zijn schouder; en men noemt Zijn naam Wonderlijk, Raad, Sterke God, Vader der eeuwigheid, Vredevorst;

Zonder vader zonder moeder

Heb 7:3  Zonder vader, zonder moeder, zonder geslachtsrekening, noch beginsel der dagen, noch einde des levens hebbende; maar den Zoon van God gelijk geworden zijnde, blijft hij een priester in eeuwigheid. 

Priester naar de orde van Melchizedek

Heb 7:17  Want Hij getuigt: Gij zijt Priester in der eeuwigheid naar de ordening van Melchizedek. 

Kan enig mens zulk een priester zijn geweest?

Ezr 2:61  En van de kinderen der priesteren, de kinderen van Habaja, de kinderen van Koz, de kinderen van Barzillai, die van de dochteren van Barzillai, den Gileadiet, een vrouw genomen had, en naar hun naam genoemd was. 
Ezr 2:62  Dezen zochten hun register, onder degenen, die in het geslachtsregister gesteld waren, maar zij werden niet gevonden; daarom werden zij als onreinen van het priesterdom geweerd. 

Niet de Vader

Heb 7:3  Zonder vader, zonder moeder, zonder geslachtsrekening, noch beginsel der dagen, noch einde des levens hebbende; maar den Zoon van God gelijk geworden zijnde, blijft hij een priester in eeuwigheid. 

Joh_1:18  Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in den schoot des Vaders is, Die heeft Hem ons verklaard. (maar Abraham zag Hem wel)

Niet de Zoon

In de dagen was Hij nog niet geboren uit Mirjam, maar Hij manifesteerde Zich als zijnde aan de Zoon van YHVH gelijk geworden – Hebr 7:3. Een gegeven wat ik in een brochure vond en wat direct een dieper inzicht gaf.

Hij is was, is en zal zijn

Heb_13:8 Yeshua haMasshiach is gisteren en heden dezelfde en in der eeuwigheid.

Hebr 7:3 ……maar den Zoon van God gelijk geworden zijnde, blijft hij een priester in eeuwigheid. 

Gekomen voor de verlorenen

Door Deze hebben wij deel aan de erfenis en mogen wij ons erfgenamen naar de belofte noemen.

Mat_15:24  Maar Hij, antwoordende, zeide: Ik ben niet gezonden, dan tot de verloren schapen van het huis Israels.

Gal_3:29  En indien gij van Christus zijt, zo zijt gij dan Abrahams zaad, en naar de beloftenis erfgenamen.

Navolgers

Deu_13:4  Den HEERE, uw God, zult gij navolgen, en Hem vrezen, en Zijn geboden zult gij houden, en Zijn stem gehoorzaam zijn, en Hem dienen, en Hem aanhangen.

1Pe_2:21  Want hiertoe zijt gij geroepen, dewijl ook Yeshua haMasshiach voor ons geleden heeft, ons een voorbeeld nalatende, opdat gij Zijn voetstappen zoudt navolgen;

Mat_10:6  Maar gaat veel meer heen tot de verloren schapen van het huis Israels.

In de bres staan

Isa_41:28  Want Ik zag toe, maar er was niemand, zelfs onder dezen, maar er was geen raadgever, dat Ik hen zou vragen, en zij Mij antwoord geven zouden.

Isa_63:5  En Ik zag toe, en er was niemand die hielp; en Ik ontzette Mij, en er was niemand, die ondersteunde; daarom heeft Mijn arm Mij heil (Yeshua) beschikt, en Mijn grimmigheid heeft Mij ondersteund,

Eph 6:10-20  Voorts, mijn broeders, wordt krachtig in den Heere, en in de sterkte Zijner macht. 
Doet aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt staan tegen de listige omleidingen des duivels. 
Want wij hebben den strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de geweldhebbers der wereld, der duisternis dezer eeuw, tegen de geestelijke boosheden in de lucht. 
Daarom neemt aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt wederstaan in den bozen dag, en alles verricht hebbende, staande blijven. 
Staat dan, uw lenden omgord hebbende met de waarheid, en aangedaan hebbende het borstwapen der gerechtigheid; 
En de voeten geschoeid hebbende met bereidheid van het Evangelie des vredes; 
Bovenal aangenomen hebbende het schild des geloofs, met hetwelk gij al de vurige pijlen des bozen zult kunnen uitblussen. 
En neemt den helm der zaligheid, en het zwaard des Geestes, hetwelk is Gods Woord. 
Met alle bidding en smeking, biddende te allen tijd in den Geest,

en tot hetzelve wakende met alle gedurigheid en smeking voor al de heiligen; 

En voor mij, opdat mij het Woord gegeven worde in de opening mijns monds met vrijmoedigheid, om de verborgenheid van het Evangelie bekend te maken; 
Waarover ik een gezant ben in een keten, opdat ik in hetzelve vrijmoediglijk moge spreken, gelijk mij betaamt te spreken. 
Rom_8:26  En desgelijks komt ook de Geest onze zwakheden mede te hulp; want wij weten niet, wat wij bidden zullen, gelijk het behoort, maar de Geest Zelf bidt voor ons met onuitsprekelijke zuchtingen.

1Th_5:25  Broeders, bidt voor ons.
2Th_3:1  Voorts, broeders, bidt voor ons, opdat het Woord des Heeren zijn loop hebbe, en verheerlijkt worde, gelijk ook bij u;

Gen_25:21  En Izak bad den HEERE zeer in de tegenwoordigheid van zijn huisvrouw; want zij was onvruchtbaar; en de HEERE liet zich van hem verbidden, zodat Rebekka, zijn huisvrouw, zwanger werd.

Het gebed van Yeshua in Joh 17:20  En Ik bid niet alleen voor dezen, maar ook voor degenen, die door hun woord in Mij geloven zullen. 
Joh 17:21  Opdat zij allen een zijn, gelijkerwijs Gij, Vader, in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons een zijn; opdat de wereld gelove, dat Gij Mij gezonden hebt. 
Joh 17:22  En Ik heb hun de heerlijkheid gegeven, die Gij Mij gegeven hebt; opdat zij een zijn, gelijk als Wij Een zijn; 

Hoe groot zijt Gij!

 


Een reactie plaatsen

Ben ik mijn broeders hoeder?

Gaan wij vrijuit als wij anderen niet waarschuwen, wanneer wij zien dat men zijn of haar doel gaat missen? Kunnen wij ermee wegkomen, dat wij van die persoon houden en dat wij er geen mening over mogen hebben?

Wiens vriend of vriendin zijn wij dan?

Wat deed Yeshua ons voor?

Bij het nadenken over de tolerantie en marge tegen Vaders principe in, kwamen de woorden van Kaïn in gedachten.

Gen 4:9  En YHVHzeide tot Kain: Waar is Habel, uw broeder? En hij zeide: Ik weet het niet; ben ik mijns broeders hoeder? 

brother’sH251 keeper H8104

brother/broer H251
אָח
‘âch
awkh
A primitive word; a brother (used in the widest sense of literal relationship and metaphorical affinity or resemblance (like H1)): – another, brother (-ly), kindred, like, other. Compare also the proper names beginning with “Ah-” or “Ahi-”.

keeper H8104
שָׁמַר
shâmar
shaw-mar’
A primitive root; properly to hedge about (as with thorns), that is, guard; generally to protect, attend to, etc.: – beware, be circumspect, take heed (to self), keep (-er, self), mark, look narrowly, observe, preserve, regard, reserve, save (self), sure, (that lay) wait (for), watch (-man).

Shamar, dat is een dienende houding …vanuit de hartsgesteldheid, die relatie met de Schepper kent…richting de broeder of zuster om die te behoeden voor erger.

Dat niemand verachtere…

Heb 12:14  Jaagt den vrede na met allen, en de heiligmaking, zonder welke niemand den Heere zien zal; 
Heb 12:15  Toeziende, dat niet iemand verachtere van de genade Gods; dat niet enige wortel der bitterheid, opwaarts spruitende, beroerte make en door dezelve velen ontreinigd worden. 
Heb 12:16  Dat niet iemand zij een hoereerder, of een onheilige, gelijk Ezau, die om een spijze het recht van zijn eerstgeboorte weggaf. 

Broeders hoeder zijn is opofferende liefde. En opofferende liefde zegt iets van Yeshua.

Yeshua Die Zijn leven gaf voor ons gaf het ultieme voorbeeld van hoeder zijn voor ons, die Hij Zijn familie noemt in een verbondsrelatie.

2Ti_4:2  Predik het woord; houd aan tijdelijk, ontijdelijk; wederleg, bestraf, vermaan in alle lankmoedigheid en leer.                                                                                                                     2Ti 4:3  Want er zal een tijd zijn, wanneer zij de gezonde leer niet zullen verdragen; maar kittelachtig zijnde van gehoor, zullen zij zichzelven leraars opgaderen, naar hun eigen begeerlijkheden; 
2Ti 4:4  En zullen hun gehoor van de waarheid afwenden, en zullen zich keren tot fabelen. 
2Ti 4:5  Maar gij, wees wakker in alles, lijd verdrukkingen; doe het werk van een evangelist, maak, dat men van uw dienst ten volle verzekerd zij. 

Uit het geschreven Woord blijkt dat broeder/zusters hoeder zijn, de houding is, die de wil van de Vader weerspiegelt.

Rechtvaardige mensen gingen ons voor, denk aan

-Mozes Heb 11:25  Verkiezende liever met het volk van God kwalijk gehandeld te worden, dan voor een tijd de genieting der zonde te hebben; 

– Abraham  Heb 11:17  Door het geloof heeft Abraham, als hij verzocht werd, Izak geofferd, en hij, die de beloften ontvangen had, heeft zijn eniggeborene geofferd, 

– Koningin Esther Est_4:16  Ga, vergader al de Joden, die te Susan gevonden worden, en vast voor mij, en eet of drinkt niet, in drie dagen, nacht noch dag; ik en mijn jonge dochters zullen ook alzo vasten, en alzo zal ik tot den koning ingaan, hetwelk niet naar de wet is. Wanneer ik dan omkome, zo kom ik om.

Johannes de Doper…Paulus…zovele anderen, zie Hebr.11

Yeshua, zie Joh 17:1  Dit heeft Yeshua gesproken, en Hij hief Zijn ogen op naar den hemel, en zeide: Vader, de ure is gekomen, verheerlijk Uw Zoon, opdat ook Uw Zoon U verheerlijke. 
Joh 17:2  Gelijkerwijs Gij Hem macht gegeven hebt over alle vlees, opdat al wat Gij Hem gegeven hebt, Hij hun het eeuwige leven geve. 
Joh 17:3  En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, den enigen waarachtigen God, en Jezus Christus, Dien Gij gezonden hebt. 
Joh 17:4  Ik heb U verheerlijkt op de aarde; Ik heb voleindigd het werk, dat Gij Mij gegeven hebt om te doen; 
Joh 17:5  En nu verheerlijk Mij, Gij Vader, bij Uzelven, met de heerlijkheid, die Ik bij U had, eer de wereld was. 
Joh 17:6  Ik heb Uw Naam geopenbaard den mensen, die Gij Mij uit de wereld gegeven hebt. Zij waren Uw, en Gij hebt Mij dezelve gegeven; en zij hebben Uw woord bewaard. 
Joh 17:7  Nu hebben zij bekend, dat alles, wat Gij Mij gegeven hebt, van U is. 
Joh 17:8  Want de woorden, die Gij Mij gegeven hebt, heb Ik hun gegeven, en zij hebben ze ontvangen, en zij hebben waarlijk bekend, dat Ik van U uitgegaan ben, en hebben geloofd, dat Gij Mij gezonden hebt. 
Joh 17:9  Ik bid voor hen; Ik bid niet voor de wereld, maar voor degenen, die Gij Mij gegeven hebt, want zij zijn Uw. 
Joh 17:10  En al het Mijne is Uw, en het Uwe is Mijn; en Ik ben in hen verheerlijkt. 
Joh 17:11  En Ik ben niet meer in de wereld, maar deze zijn in de wereld, en Ik kome tot U, Heilige Vader, bewaar ze in Uw Naam, die Gij Mij gegeven hebt, opdat zij een zijn, gelijk als Wij. 
Joh 17:12  Toen Ik met hen in de wereld was, bewaarde Ik ze in Uw Naam. Die Gij Mij gegeven hebt, heb Ik bewaard, en niemand uit hen is verloren gegaan, dan de zoon der verderfenis, opdat de Schrift vervuld worde. 
Joh 17:13  Maar nu kom Ik tot U, en spreek dit in de wereld, opdat zij Mijn blijdschap vervuld mogen hebben in zichzelven. 
Joh 17:14  Ik heb hun Uw woord gegeven; en de wereld heeft ze gehaat, omdat zij van de wereld niet zijn, gelijk als Ik van de wereld niet ben. 
Joh 17:15  Ik bid niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart van den boze. 
Joh 17:16  Zij zijn niet van de wereld, gelijkerwijs Ik van de wereld niet ben. 
Joh 17:17  Heilig ze in Uw waarheid; Uw woord is de waarheid. 
Joh 17:18  Gelijkerwijs Gij Mij gezonden hebt in de wereld, alzo heb Ik hen ook in de wereld gezonden. 
Joh 17:19  En Ik heilige Mijzelven voor hen, opdat ook zij geheiligd mogen zijn in waarheid. 
Joh 17:20  En Ik bid niet alleen voor dezen, maar ook voor degenen, die door hun woord in Mij geloven zullen. 
Joh 17:21  Opdat zij allen een zijn, gelijkerwijs Gij, Vader, in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons een zijn; opdat de wereld gelove, dat Gij Mij gezonden hebt. 
Joh 17:22  En Ik heb hun de heerlijkheid gegeven, die Gij Mij gegeven hebt; opdat zij een zijn, gelijk als Wij Een zijn; 
Joh 17:23  Ik in hen, en Gij in Mij; opdat zij volmaakt zijn in een, en opdat de wereld bekenne, dat Gij Mij gezonden hebt, en hen liefgehad hebt, gelijk Gij Mij liefgehad hebt. 
Joh 17:24  Vader, Ik wil, dat waar Ik ben, ook die bij Mij zijn, die Gij Mij gegeven hebt; opdat zij Mijn heerlijkheid mogen aanschouwen, die Gij Mij gegeven hebt; want Gij hebt Mij liefgehad, voor de grondlegging der wereld. 
Joh 17:25  Rechtvaardige Vader, de wereld heeft U niet gekend; maar Ik heb U gekend, en dezen hebben bekend, dat Gij Mij gezonden hebt. 
Joh 17:26  En Ik heb hun Uw Naam bekend gemaakt, en zal Hem bekend maken; opdat de liefde, waarmede Gij Mij liefgehad hebt, in hen zij, en Ik in hen. 

Dank U voor Uw levendmakende Woord,wat richting en rust geeft door de openbaring van Uw Geest.

U komt alle eer toe.

 

 


1 reactie

YHVH’s huwelijksconcept onder vuur

Recentelijk hebben we met een paar vertrouwde mensen het onderwerp polygyny/polygamie besproken en de tendens die zich in de Messiaanse beweging vertoont in passieve en actieve setting.

We constateren dat het niet een lokaal fenomeen is, maar gewoon in de volkeren opdoemt, waar mensen terugkeren naar de geschreven Torah. We zijn in de woestijn der volkeren en aldaar worden we beproefd, net zoals de kinderen Israels destijds

Velen onder ons hebben zich niet ingelezen of hebben er eenvoudig niet over nagedacht, dat er mensen zullen komen die hen stevig aan de tand gaan voelen zodat men bij gebrek aan voorbereiding zich tenminste ongemakkelijk voelt of ook in die richting gaat denken.

We zijn voorbij de berg, alwaar we de leefregels van Abba YHVH aanvaard hebben als het huwelijkscontract en in de woestijn der volkeren worden we op ons antwoord beproeft of ons “ja” ook werkelijk een “ja” is.

Diverse zaken zullen ons tegemoet komen, overrompelen of kruisen en het is zaak om wakker te zijn en te blijven.

Daar ik drie jaar geleden werd geconfronteerd met het meervoudig huwelijk in de  messiaanse beweging en bewust geworden er over begon te lezen hoe het schriftuurlijk wél in elkaar stak, was die info een stap op weg. Later ben ik er zelf over gaan schrijven (1).

Recentelijk kwam het in een stroomversnelling en kwam er nieuwe schriftuurlijke informatie in het licht dat ik met u wil gaan delen..

Het onderwerp  is het denken te mogen hebben van meer vrouwen in één gezin binnen één voordeur, wat bekend staat als polygamie of polygyny.

Ik heb de info in een vraag en antwoord opgesteld en wanneer u persoonsvormen tegenkomt is dat eigenlijk algemeen bedoeld. Het gaat om de kern van de zaak.

Wat te zeggen van 1Co 7:4  De vrouw heeft de macht niet over haar eigen lichaam, maar de man; en desgelijks ook de man heeft de macht niet over zijn eigen lichaam, maar de vrouw. 

Er zijn messiaanse broeders die denken dat “het” is toegestaan. Een voorbeeld: wat zou uw antwoord zijn op mannen die denken dat ze geen overspel doen als ze een tweede vrouw kunnen nemen die maagd is en geen zuster? Wat zegt het geschreven Woord erover?  Hos 4: 6 Er zijn echt zo weinig mannen (ook vrouwen) die hier over durven te praten met antwoorden uit de Schrift én uit ervaring. Omdat de meeste mannen / broers de juiste antwoorden niet kennen, kunnen ze zichzelf en hun (toekomstige) vrouwen niet beschermen. Afgezien daarvan zijn de meeste van hen niet moedig genoeg om hun mening hiertegen te delen. Is dit het effect van de vloek van stilte, waar Amanda Buys het over heeft?

Antwoord: Vergelijk  het met dezelfde kwestie dat Israël een koning (1 Samuel 8) zoals de naties wilden. Het was niet het plan van Yah.
Ook Malachi 2 spreekt over de vrouw van je jeugd- Maleachi 2:14,15. Afwijzing en bitterheid worden alleen maar erger in polygamische situaties
Welk een destructieve afwijzing is het wanneer het onderwerp van “meerdere vrouwen” ter sprake komt … hoe zelfs afwijzing een grote rol speelde bij Lea en Rachel, en zelfs de zonen van Jacob weerspiegelden de afwijzing van Jozef!
Prijs Yah! Er waren gevolgen na Gan Eden, maar in Yeshua herstelde Hij ons en we zijn nu in Zijn priesterschap (Hebreeën 6 tm 10). We kunnen geen gezinnen  bouwen op basis van polygamie of irrationele echtscheiding. Bedroevend dat dit polygamie-probleem weer is opgedoken …

Mensen die pro-polygynie zijn, vertellen ons dat het geen zonde is om een tweede vrouw of meer te nemen. Naar mijn mening breken mannen die daar de voorkeur aan geven het verbond tussen hem en zijn enige vrouw, verlaten haar vanwege het verbroken verbond met zijn eerste en officiële vrouw. Is dat ook overspel?

Antw.Yeshua kwam om het plan van YHVH opnieuw te zetten en met Zijn verlossingswerk plaatste Hij ons terug in het  Melchizedek priestersschap, waarmee Hij de voorwaarde en conditie van het huwelijksverbond terugzette naar het origineel concept vanuit Gan Eden. Waarom zou Paulus anders in Titus en Timotheüs hebben kunnen schrijven over het hebben van één vrouw? Daarom denk ik dat het een zonde is om een tweede vrouw te nemen door het breken van het trouwverbond met de eerste vrouw.

Er zijn mensen die met hun meervrouwentheorie een bewijs willen leveren voor de gedachte dat YHVH twee bruiden koos, maar het was één koninkrijk, één natie en het zal weer één natie worden. Als Juda en Israël twee zussen zouden zijn, was het ook niet toegestaan voor een ouderling, dus ook niet voor onze Bruidegom. Maar Juda en Israël zijn twee delen van één bruid, omdat zij beiden voorheen één volk waren en niet twee verschillende.Toch?

Antw:  1 Timothy 3: 1-13 is heel specifiek over het hebben van 1 vrouw. Een interessante vraag die we zouden kunnen stellen aan degenen die polygamie over meer vrouwen promoten: in hoofdstuk 3 wordt vermeld dat het huis op orde moet worden gehouden, onder welke omstandigheden hebben we volgens de Bijbel een polygaam huis ‘in orde’? Ja, het is heel triest als mannen het idee van Echad niet met woorden uit de Schrift kunnen verdedigen.Het Nieuwe Testament leert over hoe het huis in orde is. Wanneer meer mensen in gaan zien dat Vaders gezegende huwelijksplan en dat kunnen verwoorden en onderbouwen met het Woord, dan kon er een andere discussie zijn met deze mannen die positief over polygamie denken. Misschien dat  ze twee keer zouden nadenken als ze de schade wisten die het veroorzaakt…?

Echad van twee

Polygamie is geen gezonde manier om gemeenschappen op te bouwen of door te geven aan onze generaties. Ik geloof dat het vers in Titus 1: 5-6 ons wijsheid geeft om het oorspronkelijke plan uit te voeren dat één deel / rib, één vrouw, één echad wordt

Ongeloof

 Wat Abraham toestond met Hagar was een daad van ongeloof. Ze hadden de belofte van Isaac al, dus technisch gezien was Saraí niet onvruchtbaar. Het was een kwestie van het aanvaarden van de belofte versus de omstandigheden. Dezelfde gewijzigde tijdlijn  zien we toen de Israëlieten Yah bij de Sinaï verwierpen en Mozes in plaats daarvan vertelden dat ik geloof dat zij dan het ambt van koninklijk priesterschap zouden hebben ontvangen (dit laatste is boeiend genoeg om uit te zoeken)

Wat als?

Omdat Abraham over en door Melchizedek werd onderwezen, en hij zo het hele plan van verlossing uit de tuin kende, maakt dat de acceptatie van Hagar door Abraham nog serieuzer omdat het de deur naar polygamie opende in de afzonderlijke bloedlijn. Wat als Abraham tegen Sara “nee” had gezegd?

Evenbeeld verder uitgewerkt

Yah maakte één Adam en scheidde ze in twee mensen tot een man en een vrouw, om herenigd te worden als één en met verschillende rollen om elkaar aan te vullen.  Genesis 1:27 Dus schiep Elohim de mens naar Zijn eigen beeld, naar het beeld van Elohim schiep hij hem, mannelijk en vrouwelijk creëerde hij hen. Zou  ‘t  hetzelfde betekenen als wat Messias zei over ” Zij zijn één”  Joh 10:38 ? Maar indien Ik ze doe, en zo gij Mij niet gelooft, zo gelooft de werken; opdat gij moogt bekennen en geloven, dat de Vader in Mij is, en Ik in Hem. 

Nut van scheuring

1Co 11:19  Want er moeten ook ketterijen onder u zijn, opdat degenen, die oprecht zijn, openbaar mogen worden onder u.

Het is diep verdrietig dat mispacha/familie in het huis van Yaacov, die zo degelijk en sterk zijn geweest in hun gelijkgestemde overtuigingen met de rest van ons Efraïmieten, zich nu zo diep verdiepen in dit onderwerp als polygamy …

Solomon O Lopez reikte ons de podcast aan die hij samen met  Tzefanyah Pappas maakte ,waarin hij bijna aan het einde van het gesprek ditzelfde onderwerp aanhaalt naar aanleiding van het onderwerp Afwijzing. Het is een bemoediging als een broeder (2) opstaat om aan de hand van het geschreven Woord gaat vertellen dat polygyny YHVH’s concept niet is en waar dat in het Woord beschreven staat.

https://beyondthemountain.org/a-discussion-of-the-spirit-of-rejection/

Wordt vervolgd

1. https://tegentlicht.com/2018/01/10/samen-adam/

2. Andrew Gabriel Roth: https://tegentlicht.com/2019/03/28/opkomen-tegen-de-god-tolereert-meerdere-vrouwen-mythe/comment-page-1/

2. Brad Scott: https://tegentlicht.com/2018/05/09/twaalf-schoonmoeders/

 


Een reactie plaatsen

Wie is Israel?

Exo 12:38  En veel vermengd volk trok ook met hen op, en schapen, en runderen, gans veel vee. .

Exo 12:49  Enerlei wet zij voor den ingeborene, en den vreemdeling, die als vreemdeling in het midden van u verkeert.

Exo 13:3  Verder zeide Mozes tot het volk (is dat inclusief het vermengde volk of zonder hen?)

Exo 13:18  Maar God/Elohim leidde het volk om

Het volk…is dat inclusief het vele vermengde volk of zonder hén?

Exo 14:1  Toen sprak de HEERE/YHVH tot Mozes, zeggende: 
Exo 14:2  Spreek tot de kinderen Israels, dat zij wederkeren, en zich legeren voor Pi-hachiroth, tussen Migdol en tussen de zee, voor Baal-zefon; daar tegenover zult gij u legeren aan de zee. 
Exo 14:3  Farao dan zal zeggen van de kinderen Israels: Zij zijn verward in het land; die woestijn heeft hen besloten. 

Spreek tot de kinderen Israels… is dat inclusief het vele vermengde volk of zonder hen?

Of worden zij apart genoemd?

Of doelt YHVH hier dat zij gezien de wet die zij gehoorzamen gelijk als de ingeboren Israelieten zijn en dus niet apart genoemd worden?

Exo 14:10  Als Farao nabij gekomen was, zo hieven de kinderen Israels hun ogen op..

hieven de kinderen Israels hun ogen op…waarom wordt het veel vermengde volk niet apart vermeld?

Exo 14:22  En de kinderen Israels ( inclusief en niet apart vermeld het veel vermengde volk) zijn ingegaan in het midden van de zee, op het droge; en de wateren waren hun een muur, aan hun rechter hand en aan hun linkerhand. 

Wanneer u verder leest, blijft het veel vermengde volk in één adem genoemd te worden als kinderen Israel… zie!

Exo 19:1  In de derde maand, na het uittrekken der kinderen Israels uit Egypteland, ten zelfden dage kwamen zij in de woestijn Sinai. 
Exo 19:2  Want zij togen uit Rafidim, en kwamen in de woestijn Sinai, en zij legerden zich in de woestijn; Israel nu legerde zich aldaar tegenover dien berg. 
Exo 19:3  En Mozes klom op tot God. En de HEERE/YHVH riep tot hem van den berg, zeggende: Aldus zult gij tot het huis van Jakob spreken, en den kinderen Israels verkondigen: Exo 19:4  Gijlieden hebt gezien, wat Ik den Egyptenaren gedaan heb; hoe Ik u op vleugelen der arenden gedragen, en u tot Mij gebracht heb. 
Exo 19:5  Nu dan, indien gij naarstiglijk Mijner stem zult gehoorzamen, en Mijn verbond houden, zo zult gij Mijn eigendom zijn uit alle volken, want de ganse aarde is Mijn; 
Exo 19:6  En gij zult Mij een priesterlijk koninkrijk, en een heilig volk zijn. Dit zijn de woorden, die gij tot de kinderen Israels spreken zult. 

Exo 19:8  Toen antwoordde al het volk gelijkelijk, en zeide: Al wat de HEERE/YHVH gesproken heeft, zullen wij doen! En Mozes bracht de woorden des volks weder tot den HEERE/YHVH. 
Exo 19:9  En de HEERE/YHVH zeide tot Mozes: Zie, Ik zal tot u komen in een dikke wolk, opdat het volk hore, als Ik met u spreek, en dat zij ook eeuwiglijk aan u geloven. Want Mozes had den HEERE/YHVH de woorden des volks verkondigd. 

Wat wij uit deze woorden kunnen opmaken is dat de vreemdeling, die oorspronkelijk niet uit de een van de stammen afkomstig was, eveneens Israel werd door de voorschriften van YHVH te gehoorzamen.

Lev_24:22  Enerlei recht zult gij hebben; zo zal de vreemdeling zijn, als de inboorling; want Ik ben YHVH, uw God/Elohim!
Num_9:14  En wanneer een vreemdeling bij u als vreemdeling verkeert, en hij het pascha YHVH ook houden zal, naar de inzetting van het pascha, en naar zijn wijze, alzo zal hij het houden; het zal enerlei inzetting voor ulieden zijn, beiden den vreemdeling en den inboorling des lands.
Num_15:15  Gij, gemeente, het zij ulieden en den vreemdeling, die als vreemdeling bij u verkeert, enerlei inzetting: ter eeuwige inzetting bij uw geslachten, gelijk gijlieden, alzo zal de vreemdeling voorYHVH’s aangezicht zijn.
Num_15:16  Enerlei wet en enerlei recht zal ulieden zijn, en den vreemdeling, die bij ulieden als vreemdeling verkeert.

We kunnen hieruit vaststellen dat de vreemdeling geen vreemdeling blijft, maar opgenomen wordt in het huisgezin van YHVH.

Hoe komt het dat wij onderscheid blijven maken, terwijl het geschreven Woord van YHVH het vele vermengde volk als de Israelieten rekent?

Hoe komt het dat er zo’n weerstand is, dat wij door Yeshua Abrahams zaad zijn en naar de beloftenis erfgenamen?

Dat wij naar de belofte nazaten van Yosef, Israel zijn, zo moeilijk te bevatten?

De Vader bouwt een huis voor Zich onder Zijn leiding, onder Zijn condities en wanneer al het volk, inclusief het vele vermengde volk eenparig zegt “wij zullen doen” zeggen zij ja op het huwelijksverbond.

Bedenk dat de Vader Zijn geschreven Woord openbaart door Zijn Geest, niet door het begrijpen van het verstand of aanzien wat voor ogen is…

Er is veel verwarring ontstaan door leringen die het geopenbaarde tegenstaan.

Voor alle openbaringen in het verleden tot nu toe ging verwarring en verdeeldheid aan vooraf,

maar de Vader gaat het doen. Hij zal beide “houten”  Zelf en op Zijn tijd en wijze één maken in Zijn Hand. Mijns inziens gaat dat alleen gebeuren door de werking van Zijn Geest, omdat Hij het eenzijdige verbond sloot met Abraham.

Gen 15:7  Voorts zeide Hij tot hem: Ik ben de HEERE, Die u uitgeleid heb uit Ur der Chaldeen, om u dit land te geven, om dat erfelijk te bezitten. 
Gen 15:8  En hij zeide: Heere, HEERE! waarbij zal ik weten, dat ik het erfelijk bezitten zal? 
Gen 15:9  En Hij zeide tot hem: Neem Mij een driejarige vaars, en een driejarige geit, en een driejarigen ram, en een tortelduif, en een jonge duif. 
Gen 15:10  En hij bracht Hem deze alle, en hij deelde ze middendoor, en hij leide elks deel tegen het andere over; maar het gevogelte deelde hij niet. 
Gen 15:11  En het wild gevogelte kwam neder op het aas; maar Abram joeg het weg. 
Gen 15:12  En het geschiedde, als de zon was aan het ondergaan, zo viel een diepe slaap op Abram; en ziet, een schrik, en grote duisternis viel op hem. 
Gen 15:13  Toen zeide Hij tot Abram: Weet voorzeker, dat uw zaad vreemd zal zijn in een land, dat het hunne niet is, en zij zullen hen dienen, en zij zullen hen verdrukken vierhonderd jaren. 
Gen 15:14  Doch Ik zal het volk ook rechten, hetwelk zij zullen dienen; en daarna zullen zij uittrekken met grote have. 
Gen 15:15  En gij zult tot uw vaderen gaan met vrede; gij zult in goeden ouderdom begraven worden. 
Gen 15:16  En het vierde geslacht zal herwaarts wederkeren; want de ongerechtigheid der Amorieten is tot nog toe niet volkomen. 
Gen 15:17  En het geschiedde, dat de zon onderging en het duister werd, en ziet, daar was een rokende oven en vurige fakkel, die tussen die stukken doorging. 
Gen 15:18  Ten zelfden dage maakte de HEERE een verbond met Abram, zeggende: Aan uw zaad heb Ik dit land gegeven, van de rivier van Egypte af, tot aan die grote rivier, de rivier Frath: 

Gen 17:1  Als nu Abram negen en negentig jaren oud was, zo verscheen de HEERE aan Abram, en zeide tot hem: Ik ben God, de Almachtige! Wandel voor Mijn aangezicht, en zijt oprecht! 
Gen 17:2  En Ik zal Mijn verbond stellen tussen Mij en tussen u, en Ik zal u gans zeer vermenigvuldigen. 
Gen 17:3  Toen viel Abram op zijn aangezicht, en God sprak met hem, zeggende: 
Gen 17:4  Mij aangaande, zie, Mijn verbond is met u; en gij zult tot een vader van menigte der volken worden! 
Gen 17:5  En uw naam zal niet meer genoemd worden Abram; maar uw naam zal wezen Abraham; want Ik heb u gesteld tot een vader van menigte der volken. 
Gen 17:6  En Ik zal u gans zeer vruchtbaar maken, en Ik zal u tot volken stellen, en koningen zullen uit u voortkomen. 
Gen 17:7  En Ik zal Mijn verbond oprichten tussen Mij en tussen u, en tussen uw zaad na u in hun geslachten, tot een eeuwig verbond, om u te zijn tot een God, en uw zaad na u. 
Gen 17:8  En Ik zal u, en uw zaad na u, het land uwer vreemdelingschappen geven, het gehele land Kanaan, tot eeuwige bezitting; en Ik zal hun tot een God zijn. 

Eze 37:15  Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende: 
Eze 37:16  Gij nu, mensenkind! neem u een hout, en schrijf daarop: Voor Juda, en voor de kinderen Israels, zijn metgezellen; en neem een ander hout, en schrijf daarop: Voor Jozef, het hout van Efraim, en van het ganse huis Israels, zijn metgezellen. 
Eze 37:17  Doe gij ze dan naderen, het een tot het ander tot een enig hout; en zij zullen tot een worden in uw hand. 
Eze 37:18  En wanneer de kinderen uws volks tot u zullen spreken, zeggende: Zult gij ons niet te kennen geven, wat u deze dingen zijn? 
Eze 37:19  Zo spreek tot hen: Alzo zegt de Heere HEERE/YHVH: Ziet, Ik zal het hout van Jozef, dat in Efraims hand geweest is, en van de stammen Israels, zijn metgezellen, nemen, en Ik zal dezelve met hem voegen tot het hout van Juda, en zal ze maken tot een enig hout; en zij zullen een worden in Mijn hand. 

Wat ik er zelf uit op maken kan, is dat YHVH een volk naar Zijn belofte koos onder Zijn voorwaarden. Daar begon Hij mee in Gan Eden. Daar kunnen mensen bij zijn die qua geboorte ingeborenen zijn, maar ook zij, die eertijds vreemdelingen waren. Voorbeelden te over. Met Abraham sloot Hij een eenzijdig verbond. Straks op Zijn tijd gaat Hij dat volk naar de belofte fysiek verzamelen, die nu al geestelijk één zijn met elkaar door Zijn inwonende Geest.

Beproef mijn woorden!